Het nieuwe werken
Ook verschenen in de MOAFlash, april 2012
Werkgeversvereniging AWVN is gespecialiseerd in arbeidsvoorwaarden en arbeidsverhoudingen. AWVN is verantwoordelijk voor de MOA-werkgeverslijn, hier kunnen MOA-leden hun arbeidsrechtelijke vragen stellen. Elke maand licht de AWVN een actueel onderwerp toe. Deze maand: Het nieuwe werken
De kern van Het nieuwe werken (HNW) is dat mensen de mogelijkheid hebben om plaats- en tijdonafhankelijk te werken. Het begon in de jaren negentig met telewerken (thuiswerken), maar inmiddels is het mogelijk geheel plaatsonafhankelijk te werken, dus ook in de trein of in een park. HNW geeft werknemers veel invloed op de invulling van hun werktijden en de manier waarop zij werken. Voor de werkgever betekent dit dat hij meer moet sturen op basis van vertrouwen en resultaatafspraken. Tegelijkertijd moet hij blijven voldoen aan de regels van het Burgerlijk Wetboek, de Arbeidstijdenwet en de arbowetgeving, want die zijn onveranderd. De belangrijkste vragen van werkgevers over HWN op een rij.
Hoe kan ik HNW introduceren?
Bij invoering van HNW is het aan de werkgever om werknemers hiervoor enthousiast te maken. Bijvoorbeeld door werknemers tijdig te betrekken in het veranderproces, door voorlichting te geven over de komende veranderingen, door werknemers op de hoogte te stellen van de voordelen en (nieuwe) mogelijkheden en door hen hierbij te faciliteren. Ook is het van belang om aan te geven wat er van werknemers wordt verwacht. Werknemers krijgen niet alleen een grotere eigen verantwoordelijkheid, er wordt ook meer gestuurd op resultaten. Het is zeer aan te bevelen om afspraken te maken over de verwachtingen en over de consequenties als aan die verwachtingen niet wordt voldaan. Het is mogelijk een termijn af te spreken over waarbinnen de werkgever of de werknemer HNW kan beëindigen. Het is aan te raden om deze afspraken door werkgever en werknemer te laten ondertekenen.
Hoe zorg ik voor goede arbeidsomstandigheden voor mijn werknemers?
De werkgever heeft een zorgplicht ten aanzien van de werknemer, onder meer gericht op de veiligheid van de werkomgeving. De werkgever is bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de inrichting van de werkplek van de werknemer. Deze zorgplicht geldt zowel binnen het bedrijf als voor thuiswerkplekken en ook voor andere plaatsongebonden arbeid. HNW ontslaat de werkgever niet van deze zorgplicht.
Bij plaatsongebonden arbeid kan de werkgever de werkplek moeilijk controleren. Het is dan ook de vraag of een strikte controle nog wel past bij HNW – de werknemer krijgt immers meer verantwoordelijkheid. Toch zijn er wel manieren om de werkplek te controleren, bijvoorbeeld door een deskundige of door u zelf als werkgever. Een andere mogelijkheid is om werknemers zelf te laten controleren of de werkplek voldoet aan de arbonormen. Dit kan bijvoorbeeld tijdens een voortgangsgesprek aan de orde komen.
Als de werkplek moet worden aangepast, is dat de verantwoordelijkheid van de werkgever. De werkgever is tevens verplicht om HNW specifiek op te nemen in de risico-inventarisatie en -evaluatie en de werknemers goed voor te lichten over hun werkzaamheden en de eventuele maatregelen die moeten worden getroffen. Zo beperkt de werkgever de kans op ziekte van de werknemer en zijn aansprakelijkheid daarvoor.
Hoe houd ik toezicht op de arbeids- en rusttijden?
Op basis van de Arbeidstijdenwet is de werkgever verplicht tot een deugdelijke registratie van de arbeids- en rusttijden. Omdat controle hierop bij HNW beperkter is, is het raadzaam om hierover duidelijke, schriftelijke afspraken te maken met de werknemers. Door een combinatie van voorlichting over de risico’s, registratie van tijden door de werknemer zelf en regelmatige functioneringsgesprekken kan de werkgever invulling geven aan zijn zorgplicht ten aanzien van de arbeids- en rusttijden.

