Versplintering van onderzoeksmarkt kost bureaus geld
Persbericht, 13 augustus 2010
Klanten van marktonderzoek gebruiken in toenemende mate alternatieve informatiebronnen voor hun doelgroepenkennis. Ook Twitter wint terrein.
Doelgroepkennis is voor opdrachtgevers van marktonderzoek nog altijd een van de vertrekpunten voor hun marketingactiviteiten. Maar de wijze waarop zij hun doelgroepen in kaart brengen wordt steeds gevarieerder en beperkt zich niet langer tot de marktonderzoekbureaus. Dat blijkt uit een online studie waarin de MOA (MarktOnderzoekAssociatie) 62 opdrachtgevers vroeg welke bronnen ze inschakelen.
Onderzoekbureaus zijn nog steeds eerste keus voor een studie naar klanten of doelgroepen, maar andere partijen rukken op. Eenderde van de opdrachtgevers laat onderzoek door niet-marktonderzoekbureaus of intern uitvoeren. Volgens een kwart van de opdrachtgevers gaat het inschakelen van nieuwe partijen of diensten ten koste van het marktonderzoekbudget.
Als voornaamste alternatieven voor marktonderzoekbureaus worden genoemd: consultancybureaus (door een kwart van de opdrachtgevers ingezet), adviesbureaus (twee op de tien opdrachtgevers), en social media-bureaus (de afgelopen twee jaar door een vijfde van de opdrachtgevers gebruikt).
Veruit de meeste organisaties waar opdrachtgevers werken, ondernemen ook eigen activiteiten om de doelgroepkennis te vergroten en de banden daarmee te versterken. Zo geven zij klanten inspraak in panels en communities. Ook doen zij intern onderzoek onder klanten. 56% van de organisaties kocht software om zelf onderzoek te doen. 8% van de organisaties heeft software om blogs te volgen.
Social media stellen opdrachtgevers in staat direct te communiceren met de doelgroep. De helft geeft aan dat hun organisatie lid is van een online community, met Twitter als populairste voorbeeld. In de meeste gevallen wordt de community gebruikt als bron van klantinformatie; ruim de helft van de organisaties die lid zijn van een community bekijken regelmatig de uitingen van (potentiële) klanten.
De studie naar de bronnen van onderzoek werd van 15 tot en met 21 juli 2010 via het internet uitgevoerd door onafhankelijk onderzoeksbureau Stadspeil in samenwerking met ISIZ, makers van enquêtes en onderzoekssoftware. In totaal zijn n=62 opdrachtgevers van marktonderzoek ondervraagd. Hiervoor werd gebruikgemaakt van het online MOA-panel voor gebruikers van marktonderzoek en aanverwante informatiediensten.

