Hoe wordt wereldwijd over gendergelijkheid gedacht?

In samenwerking met het Global Institute for Women’s Leadership en International Women’s Day heeft Ipsos wereldwijd volwassenen gevraagd naar hun visie op relevante topics omtrent gendergelijkheid.

In 1912 vond de eerste International Vrouwendag in Nederland plaats. De behoeften, belangen en standpunten van de vrouw worden sindsdien extra onder de aandacht gebracht. Een dag die staat voor solidariteit en strijdbaarheid van vrouwen, waarop belangrijke thema’s zoals economische zelfstandigheid en gelijke participatie worden belicht.

Er wordt gestreefd naar gendergelijkheid en een sociaal rechtvaardiger samenleving met gelijke kansen en gelijke behandeling van vrouwen en mannen. In het kader van Internationale Vrouwendag voerde Ipsos onderzoek uit naar de wereldwijde houding tegenover gendergelijkheid. Hoe wordt hier vandaag de dag over gedacht?

In samenwerking met het Global Institute for Women’s Leadership en International Women’s Day heeft Ipsos tussen 21 december 2018 en 4 januari 2019 18.800 volwassenen uit 27 landen wereldwijd gevraagd naar hun visie op relevante topics omtrent gendergelijkheid. 

Vrouwen van vroeger en nu

Wereldwijd wordt door meer dan de helft (52%) gedacht dat "man zijn" meer voordelen heeft. Slechts een tiende van de wereldbevolking denkt dat er meer voordelen zitten aan "vrouw zijn". Aan de andere kant wordt door de helft van de wereldbevolking gedacht dat jonge vrouwen van nu een beter leven zullen hebben dan de vrouwen uit de generatie van hun ouders. Er is dus nog een lange weg te gaan, maar attitudes zijn aan het veranderen.

Houding tegenover gendergelijkheid

Het bereiken van gelijkheid tussen mannen en vrouwen is gemiddeld voor 65% van de volwassenen persoonlijk belangrijk. Een kwart van de Nederlandse volwassenen zegt feminist te zijn, met een gemiddelde van 33% wereldwijd.

De wereldburger is niet van mening dat de mannelijkheid van mannen die thuisblijven om voor de kinderen te zorgen wordt aangetast (75%). In Nederland is maar liefst 90% het daarmee oneens. Nog eens 75% van de wereldbevolking is het oneens met de stelling zich oncomfortabel te voelen met een vrouwelijke baas. Eén op de vijf mannen zegt dit onprettig te zullen vinden, tegenover 14% van de vrouwen. Nederland staat hier op de op een-na-laatste plaats met slechts 8% van de volwassenen die aangeeft het oncomfortabel te zullen vinden om een vrouwelijke baas te hebben.

De rol van de man in gelijkheid

Voor het bereiken van gelijkheid voor vrouwen wordt de steun van de mannen belangrijk geacht. Twee derde geeft namelijk aan dat vrouwen geen gelijkheid zullen bereiken zonder dat mannen in actie komen. Wordt er niet al te veel van ze verwacht? Nee, daar zijn wereldburgers het eerder mee oneens (46%) dan eens (43%). Het percentage Nederlanders dat vindt dat er teveel wordt verwacht van mannen om vrouwengelijkheid te ondersteunen is ten opzichte van de andere landen laag, namelijk 24%.

De belangrijkste vrouwenkwesties

Wanneer gevraagd wordt naar de belangrijkste kwesties waar vrouwen mee te maken hebben, staan seksuele intimidatie, seksueel geweld en fysiek geweld wereldwijd in de top drie. In Nederland zien we seksuele intimidatie terugkomen op de tweede plaats in de top drie (met 30%) met inkomensgelijkheid op de eerste plaats (33%) en de balans tussen werk- en zorgverantwoordelijkheden op plek drie (24%).

Acties voor verandering

Wereldwijd worden gelijke inkomens voor mannen en vrouwen voor hetzelfde werk en strengere wetten voor geweld en intimidatie tegen vrouwen genoemd als belangrijkste acties voor het bereiken van gendergelijkheid, door respectievelijk 36% en 35%. Inkomensgelijkheid vindt de Nederlander een belangrijk actiepunt en staat met 49% van de burgers die dit belangrijk acht wereldwijd in top drie. In de meeste landen zien we dat vrouwen dit significant vaker benoemen dan mannen.

Het bereiken van gendergelijkheid 

Nagenoeg de helft van de wereldbevolking (48%) is van mening dat er niet genoeg wordt gedaan voor het bereiken van gelijkheid op het gebied van de zorg over de kinderen en het huis, gevolgd door het bedrijfsleven (46%) en de overheid en politiek (44%). Met name over het bedrijfsleven is de Nederlander negatief; 58% van de Nederlanders denkt dat er niet genoeg wordt gedaan om gelijke rechten voor vrouwen en mannen te bereiken in het bedrijfsleven, ten opzichte van het 46% gemiddelde.

Gendergelijkheid in toekomstperspectief 

De wereldburger heeft het meest vertrouwen in het verdwijnen van discriminatie tegen vrouwen op het gebied van scholing (47%). Ook in Nederland heerst er op dit gebied, ten opzichte van andere levensgebieden, het grootste optimisme (58%). De Nederlander heeft het minst vertrouwen in het verdwijnen van discriminatie tegen vrouwen in het bedrijfsleven (47%) wanneer een inschatting wordt gemaakt voor de komende 20 jaar.

Gendergelijkheid is een fundamenteel mensenrecht, maar nog altijd heerst er bij de helft van de wereldbevolking een gevoel van mannelijke superioriteit. Internationale Vrouwendag is in het leven geroepen om de behoeften, belangen en standpunten voor de vrouw in alle levensgebieden waarin ongelijkheid bestaat onder de aandacht te brengen. Here’s to women!

Download hier het volledige rapport.

 

Achtergrond bij deze data

Dit onderzoek is uitgevoerd met een internationale steekproef van 18.800 volwassenen tussen de 18-64 in de Verenigde Staten en Canada en 16-64 in alle andere landen. De interviews zijn uitgevoerd tussen 21 december 2018 en 4 januari 2019.
Dit onderzoek is uitgevoerd in 27 landen over de wereld via het Ipsos Online Panel systeem. De landen die hierin zijn gerapporteerd zijn Argentinië, Australië, België, Brazilië, Canada, Chili, Colombia, Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Italië, India, Japan, Maleisië, Mexico, Nederland, Peru, Polen, Rusland, Servië, Spanje, Turkije, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, Zuid-Afrika, Zuid-Korea, Zweden.
Ongeveer 1000 burgers zijn ondervraagd in Australië, Brazilië, Canada, Duitsland, Frankrijk, Italië, Japan, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. In Argentinië, België, Chili, Colombia, Hongarije, India, Mexico, Maleisië, Nederland, Peru, Polen, Rusland, Servië, Turkije, Zuid-Afrika, Zuid-Korea en Zweden was de steekproefgrootte circa n=500.

Indien de resultaten niet op 100 uitkomen komt dat mogelijk door afronding in computerberekeningen, meerdere gegeven antwoorden of het weglaten van ‘weet niet’ of ‘not stated’ antwoorden.
De data is gewogen in overeenstemming met het profiel van de populatie. 16 van de 27 onderzochte landen genereren nationaal representatieve steekproeven in hun landen (Argentinië, Australië, België, Canada, Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Italië, Japan, Nederland, Polen, Spanje, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Zuid-Korea en Zweden). In Brazilië, Chili, Colombia, India, Maleisië, Mexico, Peru, Rusland, Servië, Turkije en Zuid-Afrika is gebruik gemaakt van steekproeven waarin hoogopgeleide burgers die meer verdienen dan hun gemiddelde landgenoten oververtegenwoordigd zijn. Dit is nog steeds een vitale sociale groep om te begrijpen in deze landen en vertegenwoordigen een belangrijke en opkomende middenklasse.

Bron: Persbericht Ipsos, 7 maart 2019

Meer MOA


Kennispartners van Clou

MOA is een

CRKBO Instelling CMYK

Contact

MOA, Expertise Center voor Marketing-insights, Onderzoek & Analytics

Kingsfordweg 151, 1043 GR, Amsterdam
+31 20 5810710
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.