Probleem- en vraagstelling


Er is veel discussie over wat een goede probleemstelling en wat een goede vraagstelling is. De discussie wordt vaak nog verward door ook het begrip doelstelling mee te nemen. Zonder deze problematiek te kort te willen doen, zouden we toch graag tot een eenvoudig onderscheid willen komen. Wij verstaan het volgende onder deze begrippen.

Een probleem is altijd een handelingsprobleem. In een gegeven situatie weet men niet wat men moet doen, of als men wel iets doet dan levert dat niet (altijd) een adequaat resultaat op. Dit formuleert men in een probleemstelling. Om problemen de wereld uit te helpen, kan men zich afvragen welke acties uitgevoerd zouden kunnen worden, en welke actie de beste is. Oftewel, aan het handelingsprobleem ligt een kennisdeficiëntie ten grondslag.

Het kennistekort is te verhelpen door het kennissysteem te verrijken met nieuwe kennis. Welke kennis men graag wil hebben, wordt geformuleerd als een vraag. Dit heet de vraagstelling van het onderzoek. Om de vraagstelling te beantwoorden moeten er meestal wel acties worden ondernomen - informatie verzamelen, deze analyseren en daar conclusies uit trekken - maar dit zijn acties om een antwoord te geven en niet om het probleem zelf op te lossen.
      

De doelstelling van onderzoek is daarmee te formuleren als het beantwoorden van de vraagstelling.

Een probleemstelling is een omschrijving van een problematiek. Daaruit zijn vaak meerdere vraagstellingen te bedenken. En een vraagstelling roept vaak weer nieuwe vraagstellingen op. De eerste  vraagstelling wordt meestal aangeduid met "de hoofdvraag", "de kernvraag", "de centrale vraag" of "de centrale vraagstelling". De daaruit afgeleide vragen duidt men meestal aan met sub-vragen. Deze sub-vragen vallen meestal ook weer uiteen. Opdelen van de hoofdvraag in sub-vragen en in sub-sub-vragen, blijft net zolang doorgaan totdat er antwoorden gegeven kunnen worden op de afzonderlijke vragen. Ja, zelfs tot het niveau van de afzonderlijke vragen in een enquête, of de te observeren aspecten in een experiment.
     

Om tot een antwoord te komen op de centrale vraagstelling, doorloopt men het traject in omgekeerde richting. Men geeft eerst antwoord op de sub-sub-sub-vragen. Door vervolgens de antwoorden op dit sub-sub-sub-niveau te bestuderen kan men een antwoord geven op de sub-sub-vraag op één niveau hoger. Op deze wijze doorloopt men alle niveaus. Tenslotte komt men dan uit op het beantwoorden van de centrale vraag. Door het beantwoorden van deze vraagstelling wordt men in staat geacht een goed advies te kunnen geven hoe het probleem op te lossen is.

Copyrights

© Foeke van der Zee / BMOOO - Woordenboek onderzoek, methodologie en statistiek

Meer MOA


Kennispartners van Clou

MOA is een

CRKBO Instelling CMYK

Contact

MOA, Expertise Center voor Marketing-insights, Onderzoek & Analytics

Kingsfordweg 151, 1043 GR, Amsterdam
+31 20 5810710
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.